Scoren in de Bekerfinale (2): Zonder Lex Schoenmaker had ADO geen KNVB Beker

KNVB Media
KNVB Media
16 maart 2018, 17:45
3:16

Lex Schoenmaker is zijn shirt kwijt na de bekerzege op Ajax in 1968 - Foto: Beeld / ADO

Feyenoord en AZ spelen op 22 april de honderdste bekerfinale. Wie scoort in de finale schrijft historie. Voor zichzelf. En voor de club. KNVB.nl blikt de komende weken met een aantal spelers terug op de goal die hun club eeuwige roem bracht. In deel twee Lex Schoenmaker (1947), die in 1968 scoorde voor ADO in de finale tegen Ajax.

Wie met Lex Schoenmaker door het ADO-stadion loopt, moet geen haast hebben. Iedereen houdt hem aan voor een praatje. En voor iedereen maakt Schoenmaker even tijd met zijn onvervalste Haagse tongval. De term clubicoon wordt nog wel eens misbruikt, maar Lex Schoenmaker is een echte. Niet voor niets siert zijn portret de stadionmuur bij de harde kern, naast dat van generatiegenoot Aad Mansveld, die andere Haagse voetbalgrootheid.

'Du spielst'

Rinus Michels lag hier in de bosjes om naar de training van Happel te kijken

Na een jaar in de betaalde jeugd - zoals Onder 19 toen heette - haalde trainer Ernst Happel hem bij de selectie. Schoenmaker spreekt vol bewondering over de eigenzinnige Oostenrijker. "Hij heeft me helemaal gekneed om in het eerste elftal te komen." Schoenmaker debuteert in een duel om de Jaarbeursstedenbeker, een voorloper van de Europa League. "Du spielst", zei hij. "En dat was het." Onderbroken door een uitstapjes naar Feyenoord, Amerika en het Midden-Oosten loopt Schoenmaker al ruim vijftig jaar rond op de club. Hij was er speler, trainer, elftalleider en tegenwoordig ambassadeur. ADO scout hem beginjaren zestig als hij op zestienjarige leeftijd zijn debuut maakt in het eerste van Vooruitgang door Samenspel (VDS). "Mijn vader was daar voorzitter. En dan ga je met hem mee achter op de fiets." 

 

ADO groeide onder leiding van Ernst Happel uit tot de nummer drie van Nederland. — Foto: Beeld / ADO 

Bekertrauma

Onder leiding van Happel groeit ADO in de jaren zestig uit tot de nummer drie van Nederland. "Hij was zijn tijd ver vooruit", zegt Schoenmaker. "Rinus Michels lag hier in de bosjes om naar de training van Happel te kijken. Hij was niet alleen tactisch heel sterk, we hadden ook een hele goede conditie." 

Happel komt in 1962 naar Den Haag. Halverwege de jaren zestig, brengt hij vers bloed in het elftal met veel jonge Haagse spelers. Schoenmaker dreunt ze zo op. "Theo van der Burgh, Aad Mansveld, Harrie Vos, Rene Pas. Henk Houwaart. Voorin speelden Limburger Harrie Heijnen en de Brabanders Kees Aarts en Lambert Maassen, de zuidelijke voorwaartsen. Keeper Ton Thie werd bij Hermes DVS weggehaald. Een jaar later kwam Kees Weimar er nog bij. Een aanstormend talent." Dat elftal moet afrekenen met een bekertrauma. ADO staat van 1959 tot 1968 liefst vijf keer in de finale. Vier gaan er verloren, tegen achtereenvolgens: VVV (1959); Willem II (1963); Fortuna '54 (1964) en Sparta (1966). 

Aarts heeft de 2-0 gescoord na een voorzet van Lex Schoenmaker. De Ajacieden Ton Pronk en Gert Bals liggen verslagen op de grond.

Ajax

In 1968 moet het gebeuren voor ADO. "Dat leefde enorm", zegt Schoenmaker. "Deze keer laten we ons de cup niet ontnemen." Maar de tegenstander is de zwaarst denkbare: Ajax, dat met Cruijff, Keizer en Michels op het punt staat de wereld te veroveren. Een week voor de finale treffen beide clubs elkaar ook; in De Meer voor de laatste competitiewedstrijd van het seizoen. Ajax moet winnen om kampioen te worden en ADO heeft daar belang bij omdat het dan zeker Europa Cup 2 speelt. 

Shirts aan stukken

De bal kwam terug van de lat en ik roste hem erin

Volgens Schoenmaker is daar over gesproken door de trainer Happel en Michels. "Zo van: als wij kampioen worden, dan wordt het voor ons makkelijker om een week later in het Zuiderpark de teugels te laten vieren." ADO deed het rustig aan in Amsterdam, hoewel de ploeg nog wel 1-0 voor kwam. Schoenmaker: "Daar is Happel nog boos over geworden in de rust." Ajax repareert de achterstand snel en de titel komt in de tweede helft nooit meer in gevaar. 

Het Zuiderpark stroomt op 3 juni 1968 vol voor de bekerfinale. De ambiance inspireert niet alleen ADO. Schoenmaker: "Het zit ook helemaal niet in de natuur van de Ajacieden om het rustig aan te doen. Die wilden na de titel ook de beker. Prima natuurlijk, maar dat hebben wij niet toegelaten." Schoenmaker opent de score. "Als diepste middenvelder kwam ik vaak in de zestien. De bal kwam terug van de lat na een schot van Harrie Heijnen en ik roste hem erin." Kees Aarts volgt al snel met de 2-0, maar na de aansluitingstreffer van Piet Keizer wordt het spannend. "We hebben nog even in het gedrang gestaan, maar we speelden heel gedreven."

De ontlading in het Zuiderpark is groot. Na vijf finales wint ADO eindelijk de eerste prijs in het betaalde voetbal. Voor je het weet loop je dan in een blootje over het veld. Een dag later schrijft de Haagse Courant dat de supporters de shirts van de spelers aan stukken scheuren. De reepjes groene stof worden thuis als relikwieën gekoesterd. Een tastbare herinnering die bij ADO altijd ontbreekt. Zelfs als de club in 1975 de KNVB Beker onder de naam FC Den Haag voor de tweede keer wint, blijft de prijzenkast leeg.

Replica

Zonder Lex Schoenmaker was dat altijd zo gebleven. "Binnen ADO bestond het fabeltje dat die beker nog ergens moest zijn. Ik ben er toen ingedoken en wat bleek: in die jaren kregen bekerwinnaars geen replica zoals nu. Bij de KNVB vertelden ze dat je die wel kunt bestellen, alleen zijn de kosten - 5200 euro -  voor de club." ADO vindt dat best veel geld, maar het idee laat Schoenmaker niet los.  Op trainingskamp in Spanje liet ik dat vallen bij een aantal sponsors. En van hen - Richard Verheij - zei toen: 'Joh Lex, maak je niet druk. Als jij die beker regelt, dan zorg ik ervoor dat het geld er komt." 

Zonder Lex Schoenmaker had de KNVB Beker niet in het ADO Museum gestaan

'De Dennenappel' schittert nu in het ADO Museum. "Ik vind het een mooie trofee", zegt  Schoenmaker terwijl hij de beker in de vitrine bewondert. Hij zou ook graag een tweede willen. "Misschien dat er nog een oud ADO-'er ergens wat onbeheerd geld heeft liggen", zegt hij lachend. Maar die ene maakt hem niet minder trots. "We zijn niet een club die in honderd jaar tientallen bekers zal winnen. Ik heb er toch aan meegeholpen, dat we deze kunnen tonen."

Gerelateerd nieuws

Laatste artikelen

Terug naar boven